Fasehuizen

Voor wie?

In de fasehuizen van Kenter ondersteunen wij jongeren tussen de 14 en 18 jaar met het zetten van de stap naar zelfstandigheid. Voorwaarde is wel dat de jongere naar school gaat of werk heeft.

Waarom?

Als jongeren niet meer thuis, bij familie of bij iemand anders uit hun netwerk kunnen wonen, is een fasehuis een geschikte plek om zich verder te ontwikkelen en door te groeien naar zelfstandigheid. Voor jongeren met een problematische achtergrond, of jongeren die op verschillende plekken hebben gewoond, geldt soms dat ze minder zelfvertrouwen hebben en/of over minder vaardigheden beschikken. In de fasehuizen is 24 uur per dag een pedagogisch medewerker aanwezig die deze jongeren de benodigde begeleiding biedt.

Wat is een Fasehuis?

De naam zegt het eigenlijk al: een fasehuis is een huis waarin jongeren wonen en waarin ze (twee) fases doorlopen. De eerste fase bestaat uit het wonen en leven in de woongroep. De tijd dat een jongere in deze groep woont, is gemiddeld anderhalf jaar. Een (bijvoorbeeld) 14-jarige woont langer op de groep, dan iemand die al wat ouder is en er alleen al door leeftijd eerder aan toe is om zelfstandig te gaan wonen.

De tweede fase is die van de Intensieve Zelfstandigheids Training (IZT). De jongere is inmiddels op een leeftijd aangekomen waarop hij zelfstandig wil gaan wonen. In overleg met de jongere en de ouder(s) of gezinsvoogd/CJG coach én het team van het fasehuis, wordt besproken of de jongere eraan toe is om door te stromen naar het IZT. In de periode dat een jongere in de IZT fase woont, wordt hij voorbereid op het zelfstandig gaan wonen.

Hoe?

In de eerste fase woont de jongere met drie andere jongeren samen op een groep. De pedagogisch medewerkers bieden een dagelijkse structuur. Zij helpen de jongere(n), waar nodig, om zich aan de dagstructuur te houden zorgen en zorgen voor de maaltijden. Er zijn taken en regels en er is het persoonlijk hulpverleningsplan. Dat plan wordt samen met de de jongere opgesteld, maar ook met degenen die voor de jongere belangrijk en/of verantwoordelijk zijn. In het plan staan persoonlijke doelen. Als het bijvoorbeeld een probleem is om elke dag naar school te gaan, dan kan een persoonlijk doel ‘elke dag naar school gaan’ zijn. In het plan worden alle gemaakte afspraken gezet.

In de tweede fase werkt de jongere toe naar een zelfstandig leven, met eigen keuzes en grenzen. Ook vaardigheden om bijvoorbeeld relaties op te bouwen en te onderhouden komen aan bod. Verder worden dagelijkse zaken besproken en geoefend;  hoe werkt het afsluiten van een verzekering, het maken van een tandartsafspraak, hoe vaak spreekt de jongere af met ouders? De jongere heeft inmiddels studiefinanciering of een bijbaan, zodat zelfstandig wonen ook echt mogelijk is. In deze fase wordt de begeleiding steeds wat minder intensief en de zelfstandigheid van de jongere steeds groter.

Begeleiding

De jongere krijgt begeleiding van pedagogisch medewerkers, waarvan er één de persoonlijke mentor is. Met hem of haar vindt regelmatig een mentorgesprek plaats, over onder andere ontwikkeling en leerpunten. De mentor onderhoudt ook de contacten met familie en/of andere belangrijke personen, zoals bijvoorbeeld school en instanties. Regelmatig zijn er huisvergaderingen waarbij alle jongeren en pedagogisch medewerkers aanwezig zijn. Op die bijeenkomsten worden allerlei onderwerpen besproken, zoals taken en problemen die te maken hebben met het samen in een huis wonen. Maar er komen ook thema’s aan bod met voor jongeren belangrijke onderwerpen, die verder worden uitgediept.

En dan?

Na de tijd in het fasehuis volgt het zelfstandig wonen. Sommige jongeren stromen door naar  eigen woonruimte, anderen gaan na het fasehuis begeleid wonen. Bij zelfstandig wonen, kan de eerste drie maanden nog gebruik gemaakt worden van buitenbegeleiding. Er komt dan in overleg regelmatig een mentor langs, om zaken te bespreken.

Wat kan de jongere van ons verwachten (en andersom)?

De verwachting van de tijd in het fasehuis mag zijn dat een jongere goed wordt ondersteund en toewerkt naar een zelfstandig(er) leven. Samen zullen we er alles aan doen om de jongere goed voorbereid op pad te sturen.

Wij verwachten van de jongere dat hij zich inzet om van de tijd in het fasehuis een succes te maken, door bijvoorbeeld actief bezig te zijn met het bereiken van de eigen leerdoelen. Het houden aan regels en afspraken, met betrekking tot bijvoorbeeld taken en het schoonhouden van de eigen kamer zijn deel van onze verwachting. Ook de gesprekken met de mentor en het bijwonen van de huisbesprekingen horen bij de uitgangspunten voor een succesvol verblijf in het fasehuis.